• Specificaties
    Auteurs

    , ,

    ISBN

    9789462582941

    Aantal pagina's

    288

    Formaat

    17 x 24 cm

    Illustraties

    circa 50 afbeeldingen in kleur en zwart-wit

    Uitvoering

    Hardback

    Taal

    Nederlands

    Jaar

    2018

  • Cornelis Pijnacker (15770 – 1645) bewoog zich op eigenzinnige wijze in de academische wereld. Hij onderhield een uitgebreid netwerk in de bovenlaag van de republiek. Hij had ook politieke belangstelling. In 1622 nam hij de opdracht aan om als gezant naar Noord-Afrika te gaan. Daar, in Barbarije, kwam hij in een andere wereld, waar hij te maken kreeg met politieke intriges en machinaties, met de islam en christenslaven en met mensen met wie het kwaad kersen eten was.

    Toen hij in 1627 terugkeerde in het vaderland, moest hij ervaren dat de Staten-Generaal hem niet meer nodig had en dat een nieuw hoogleraarschap niet direct beschikbaar was. Hij raakte verzeild in Drenthe. Daarnaast zorgde zijn liefhebberij van het kaartmaken dat hij voor het eerst een kaart van Drenthe en Westerwolde maakte. De Amsterdamse atlasuitgevers Hondius en Blaeu waren er maar wat blij mee en namen de kaart op in hun atlassen.

    In 1636 lukte het hem om weer bij een universiteit aan de slag te gaan. Daar genoot hij – op zijn oude dag en met een dertig jaar jongere echtgenote – van de zegeningen van de universitaire wereld.

    Paul Brood (1952) is rechtshistoricus en archivaris bij het Nationaal Archief. Daarnaast is hij docent aan de Universiteit Leiden. Gerard van Krieken (1944) studeerde geschiedenis. Daarna was hij meer dan dertig jaar leraar geschiedenis. Jan Spoelder (1948) studeerde klassieke taal- en letterkunde aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij was werkzaam als classicus.


Specificaties
Auteurs

, ,

ISBN

9789462582941

Aantal pagina's

288

Formaat

17 x 24 cm

Illustraties

circa 50 afbeeldingen in kleur en zwart-wit

Uitvoering

Hardback

Taal

Nederlands

Jaar

2018


In het kort

Cornelis Pijnacker (15770 – 1645) bewoog zich op eigenzinnige wijze in de academische wereld. Hij onderhield een uitgebreid netwerk in de bovenlaag van de republiek. Hij had ook politieke belangstelling. In 1622 nam hij de opdracht aan om als gezant naar Noord-Afrika te gaan. Daar, in Barbarije, kwam hij in een andere wereld, waar hij te maken kreeg met politieke intriges en machinaties, met de islam en christenslaven en met mensen met wie het kwaad kersen eten was.


Over de auteur

Paul Brood (1952) is rechtshistoricus en archivaris bij het Nationaal Archief. Daarnaast is hij docent aan de Universiteit Leiden. Gerard van Krieken (1944) studeerde geschiedenis. Daarna was hij meer dan dertig jaar leraar geschiedenis. Jan Spoelder (1948) studeerde klassieke taal- en letterkunde aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij was werkzaam als classicus.