• Specificaties
    Auteurs

    ,

    ISBN

    9789462582910

    Aantal pagina's

    144

    Formaat

    22,5 x 27 cm

    Illustraties

    circa 100 afbeeldingen in kleur

    Uitvoering

    Gebonden

    Taal

    Nederlands

    Jaar

    2018

    Bijzonderheden

    In samenwerking met Het Noordbrabants Museum

    Tentoonstelling

    17 november 2018 t/m 17 april 2019

  • Het werk van Jan Sluijters (1881-1957) gaf een impuls aan de ontwikkeling van de moderne kunst in Nederland in de vroege twintigste eeuw. Tijdens zijn Prix de Romereis in 1906 was Sluijters in aanraking gekomen met het fauvisme in Parijs. Samen met Piet Mondriaan en Leo Gestel vormde hij de voorhoede van het zinderende luminisme. Na een tweede bezoek aan Parijs in 1911 volgde een productieve periode waarin Sluijters experimenteerde met het kubisme.

    Het Noordbrabants Museum legt voor het eerst de focus op het vroege werk van Sluijters. De catalogus bij de gelijknamige tentoonstelling belicht hoe hij zich onder invloed van de nationale én internationale moderne kunst ontwikkelde tot een toonaangevend modernist. De ‘wilde’ fase waarin hij experimenteerde met diverse moderne kunststromingen, tot circa 1914, staat hierin centraal. Niet alleen het kleurrijke werk van Sluijters, maar ook dat van inspiratiebronnen en gelijkgestemden als Kees van Dongen en Leo Gestel komen aan bod.

    De essays zijn van de hand van Helewise Berger, conservator 19de- en begin 20ste-eeuwse kunst van Het Noordbrabants Museum, en Karlijn de Jong, zelfstandig kunsthistorica De Jong Kunst+Project. Met bijdragen van Anita Hopmans en Wietse Coppes, verbonden aan het RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis.


Specificaties
Auteurs

,

ISBN

9789462582910

Aantal pagina's

144

Formaat

22,5 x 27 cm

Illustraties

circa 100 afbeeldingen in kleur

Uitvoering

Gebonden

Taal

Nederlands

Jaar

2018

Bijzonderheden

In samenwerking met Het Noordbrabants Museum

Tentoonstelling

17 november 2018 t/m 17 april 2019


In het kort

Het werk van Jan Sluijters (1881-1957) gaf een impuls aan de ontwikkeling van de moderne kunst in Nederland in de vroege twintigste eeuw. Tijdens zijn Prix de Romereis in 1906 was Sluijters in aanraking gekomen met het fauvisme in Parijs. Samen met Piet Mondriaan en Leo Gestel vormde hij de voorhoede van het zinderende luminisme. Na een tweede bezoek aan Parijs in 1911 volgde een productieve periode waarin Sluijters experimenteerde met het kubisme.


Over de auteur

De essays zijn van de hand van Helewise Berger, conservator 19de- en begin 20ste-eeuwse kunst van Het Noordbrabants Museum, en Karlijn de Jong, zelfstandig kunsthistorica De Jong Kunst+Project. Met bijdragen van Anita Hopmans en Wietse Coppes, verbonden aan het RKD – Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis.